|
Geachte aanwezigen,
Om te beginnen wil ik de organisatie feliciteren met 25 jaar Tour de Mariënvelde. De complimenten gelden niet alleen voor de uitstekende organisatie maar ook voor de uiterst respectvolle wijze waarop zij deelnemers heeft herdacht die deze avond helaas niet meer kunnen meemaken. Het is zaterdagavond 5 juli als ik met mijn vrouw samen op de bank zit. Door van diverse films te zeggen dat ik er niets aan vind krijg ik het voor elkaar dat we naar het programma de avondetappe kunnen kijken.
"De tour is toch nog niet begonnen Henk want je bent nog helemaal niet bezig geweest met je tourlijstje." Daarin heeft ze helemaal gelijk want dit jaar is het allemaal weer geheel anders gegaan dan andere jaren.
Vorig jaar heb ik hier verteld dat ik met mijn vrienden gewed heb dat ik dit jaar bij de eerste vijf in de Tour de Mariënvelde zou eindigen. Weddenschappen die ze graag aangingen omdat ze ervan overtuigd waren dat mij dit niet zou lukken. Wat ik mijn vrienden toen niet verteld heb maar u wel is dat er een aparte competitie zou komen in Mariënvelde namelijk de strijd om de Poulidor bokaal. En zoals ik vorig jaar hier al meldde zouden daar slechts vijf deelnemers aan meedoen zodat ik met mijn weddenschappen geen enkel risico zou lopen. Mijn vrienden waren niet echt blij toen ze vorig jaar in de gaten hadden hoe ik ze in de boot had genomen. Koortsachtig overleg volgde en het resultaat was dat ik af zou zien van de weddenschappen maar dat zij als tegenprestatie mij met z'n allen zouden helpen om dit jaar de Poulidor bokaal te winnen. Ik had aanvankelijk nog enig wantrouwen want normaal gesproken zien ze mij liever zo laag mogelijk eindigen maar ik moet eerlijk zeggen dat ze hun uiterste best voor mij hebben gedaan. Tijdens diverse vergaderingen zijn de tegenstanders in de Poulidor bokaal uitvoerig geanalyseerd, zijn uiteraard de renners besproken en is ook de tactiek van de verschillende ploegen doorgenomen.
Over de naam van onze ploeg waren we het snel eens: Arc de Triomph die verwijst naar een van de meest glorieuze overwinningen in de Franse geschiedenis. Wel ontstond er binnen mijn vriendenkring bijna ruzie over wie er nu uiteindelijk opgesteld moesten worden maar als compromis hebben we besloten de laatste twee plekken in mijn team door loting vast te stellen. Vandaar dat uiteindelijk de Spanjaard Cobo en de Colombiaan Soler nog in mijn team kwamen. Van Cobo had ik nog nooit gehoord en Soler had ik vorig jaar, maar toen deed ik mee voor de Rode lantaarn, iets waar ik nog af en toe een nachtmerrie van heb. Nu begrijpt u dus waarom het bij ons thuis zo rustig was op de eerste avond van de Tour.
Deze rust werd echter vijf minuten voor middernacht wreed verstoord. Op dat moment kreeg ik namelijk drie e-mails binnen en gingen de gewone telefoon en de mobiele telefoon tegelijkertijd af. Het waren mijn wielervrienden die mij wisten te vertellen dat zojuist bekend was geworden dat Soler aan zijn pols geblesseerd was en dat ik deze renner dus niet moest opstellen. "Je hebt je rijtje toch nog niet ingeleverd?" vroeg er een, "want we hebben je nog zo gezegd tot op het laatst te wachten".
Gelukkig had ik inderdaad goed geluisterd en had ik wel alles ingevuld maar nog niet op knop verzenden gedrukt. Ik kon dus nog net op tijd Soler vervangen door Frank Schleck en mijn inzending versturen. Dit was nu een uniek voorbeeld waarbij het zowel letterlijk als figuurlijk vijf voor twaalf was.
Mijn tegenstanders in de Poulidor bokaal had ik overigens met zorg uitgezocht. Zij zijn namelijk een goede afspiegeling van de deelnemers aan de Tour de Mariënvelde van de afgelopen 25 jaar. Als eerste tegenstander mijn buurman Peter die samen met zijn collega's het mogelijk heeft gemaakt dat wij met z'n allen ons ieder jaar weer kunnen ergeren als het weer niet wil lukken. Als deelnemer heeft Peter echter twee zwakke punten. Ten eerste dat hij met zijn eigen rijtje nooit goed scoort en ten tweede dat hij altijd minimaal één renner wil opstellen die anderen niet hebben. En ja hoor, toen we zijn rijtje zagen viel direct op dat hij Maxime Montfort had, een renner die je eerder in de rijtjes voor de Rode lantaarn zou verwachten.
Met een tweede rijtje winnen dat zal Albert Leemreize nooit overkomen, want hij vindt het niet eerlijk om met meer dan één rijtje mee te doen. En Albert heeft daarin gelijk want de Tour de Mariënvelde is de afgelopen 25 jaar toch wel geteisterd door winnaars die niets van wielrennen afwisten. Opa's en oma's hebben vanuit het bejaardenhuis gewonnen en enkele jaren geleden heeft er zelfs een baby gewonnen die tijdens die Tour is geboren. Dieptepunt wat dit betreft was echter de winst van de Duitser Thomas Giesder uit Berlijn maar daar weet mijn buurman Peter meer van.
Ook zijn er hier op het podium winnaars verschenen waarvan na één opmerking al bleek dat ze niets van de Tour de Mariënvelde begrepen. "Dankzij welke renner heeft u deze Tour gewonnen?" vroeg Peter eens aan een winnaar waarop het antwoord Armstrong kwam.
Winnen is nooit het doel geweest van de heren Toon van der Wiel en Harrie te Fruchte want zij hebben zich gespecialiseerd in het behalen van zo weinig mogelijk punten. Dit jaar moesten zij zich als deelnemers van de Poulidor bokaal omscholen en dat ging ze moeilijk af want als je Zabel en Cavendish vergeet op te stellen dan ben je al snel kansloos.
Het symbool voor 25 jaar Tour de Mariënvelde is voor mij echter Frans Frielink. Frans is door zijn vrienden opgegeven voor de Poulidor bokaal omdat hij nog nooit iets gewonnen heeft.
De vriendengroep van Frans is hier altijd een trouwe bezoeker aan het tourcafé en de regel bij hun is dat diegene met de minste punten altijd moet rijden en dus niet mag drinken. Alleen omdat er ingesteld is dat je nooit twee keer achter elkaar behoeft te rijden is Frans niet altijd de Bob. Maar ondanks zijn prestaties is er voor Frans nog hoop. Hij is pas 50 geworden en als de wijsheid inderdaad met de jaren komt zal zelfs Frans nog eens iets winnen.
De eerste week in deze Tour verliep voor mijn ploeg fantastisch en ook in de Pyreneeën verliep alles op rolletjes. Mijn vrienden hadden namelijk goed gezien dat er weinig echte sprints zouden komen en daarom dit jaar vooral op de klassementsrijders ingezet.
Cavendish hadden we uiteraard wel en na de twee plaats van Cobo in de Pyreneeën stonden we in het algemeen klassement zelfs op plaats 41, voor mijn doen een ongekende prestatie.
Het enige smetje was dat mijn zoon weer hoger stond dan ik maar gelukkig zit hij voor een jaar in Australië en kon hij mij alleen maar per e-mail plagen want bellen was gelukkig te duur voor hem.
Na de Pyreneeën stond ik op mijn concurrenten ruim honderd punten voor en met mijn vrienden werd de overwinning al vast gevierd. Bovendien was er na tien etappes nog geen enkele renner uitgevallen en hadden sommige van mijn concurrenten gelukkig wel Soler opgesteld. Het was voor het eerst in al die jaren dat ik blij was dat je met een uitvaller 33 strafpunten kreeg.
Die blijdschap was overigens van korte duur. Op donderdag 17 juli zit ik in de auto als de radio-uitzending plotseling wordt onderbroken met nieuws uit de Tour. Het nieuws is dat Ricco op doping is betrapt en uit de Tour is gezet. Ik zet vervolgens mijn auto zo snel mogelijk aan de kant van de weg en bel mijn vrienden met de vraag of mijn tegenstanders Ricco ook hebben. De opluchting is groot als blijkt dat we alle zes Ricco in ons rijtje hebben en fluitend vervolg ik mijn weg. Het fluiten houdt onmiddellijk op als de verslaggever weet te melden dat de gehele ploeg van Ricco niet meer meedoet. Dat houdt in dat ik ook mijn verrassing Cobo kwijt ben en dus extra strafpunten oploop. Gevolg is dat binnen twee etappes mijn voorsprong als sneeuw voor de zon is verdwenen en dat met name Peter gevaarlijk dichtbij komt. Als vervolgens Cavendish het niet meer ziet zitten en Perreiro een bocht over het hoofd ziet is mijn voorsprong helemaal weg en begint het spel opnieuw.
Ondertussen ging ook de gewone Tour de Mariënvelde gewoon door. Van de sprinter Duque had niemand gehoord maar de kenners die hem wel hadden deden uitstekende zaken althans als ze meededen voor de eerste prijs en niet voor de Rode lantaarn. Bijna iedere deelnemer die vorig jaar Schumacher had heeft hem dit jaar niet. En dat is jammer want hij behoorde met Sanchez en Ciolek tot de verassingen van deze tour. Daartoe behoorden verder de Oostenrijker Kohl en de sprinter Dean. Er was maar één kenner die deze beide renners in zijn rijtje had en dat was Remco Beernink uit Lichtenvoorde. De ploeg van Remco heet echter "de prutsers" waardoor hij op slag kansloos was voor de Rode lantaarn. Remco's plaatsgenoot Niek Harbers komt de eer te beurt de meest vooruitziende ploegnaam te hebben bedacht. Zijn ploeg heet namelijk "Saunier Duval niet van de fiets", je moet het voor de Tour maar bedenken!
In de Alpen blijkt dat onze professionele voorbereiding niet voor niets is geweest.
Dit verhaal wordt dan ook na vier trieste verhalen eindelijk eens een enthousiast verhaal.
Doordat Peter Sastre niet had opgesteld daalde hij sneller in ons klassement dan een renner van de berg affietst en de verassend sterke Albert had gelukkig wat te weinig sprinters opgesteld. Vervelend was dat Albert de goede Sanchez in zijn ploeg had, wij vragen ons nog af of deze keus op kennis is gebaseerd of dat hij per ongeluk de verkeerde Sanchez heeft opgesteld. Mijn voorsprong groeide rap en ondanks het afstappen van Cunego was het op vrijdag al duidelijk dat mij de overwinning niet meer kon ontgaan. Vanwege de vakanties heb ik mijn vrienden dan ook afgelopen vrijdag al getrakteerd op een kroegentocht. Dit kostte wel wat maar voor de eeuwige roem moet je wat over hebben.
Op zaterdag was er bij de post een brief van de fanclub van Raymond Poulidor. De eerste felicitatie is al binnen dacht ik terwijl ik de brief snel openmaakte. De inhoud betrof echter iets anders, ik zal jullie de brief voorlezen.
Geachte heer Bluemink,
Het doet ons als fans van de grote Popou goed dat u in Mariënvelde een bokaal hebt genoemd naar onze grote held. Wellicht ten overvloede wijzen wij u erop dat Raymond Poulidor nooit een wedstrijd heeft gewonnen maar vaak als tweede is geëindigd. Wij eisen dan ook van u dat iemand die de Poulidor bokaal wint tweede moet zijn geworden in de betreffende wedstrijd. Raymond had namelijk niets met nummer één.
Door ons is juridisch vastgelegd dat het gebruik van de naam Poulidor alleen is toegestaan als het nummer twee betreft. Wij zullen een juridische procedure beginnen als u in Mariënvelde hiervan zult afwijken maar wij hopen en vertrouwen erop dat u het niet zover zal laten komen.
Hoogachtend,
Mr. Bram Moskofiets, namens de Fanclub Poulidor.
Na het lezen van deze brief heb ik snel de tourdirectie in Mariënvelde gebeld. Tot mijn verbijstering was de directie het wel eens met de fanclub van Poulidor en omdat zij geen zin had in juridische gevechten werd besloten dat de Poulidor bokaal wordt uitgereikt aan de nummer 2 in het klassement en niet aan de nummer 1.
Dat moet mij nu weer overkomen. Na jaren geploeter word ik eindelijk eerste en vervolgens wint nummer twee. En dat terwijl ik geen doping heb gebruikt, niet met een bidon heb gegooid en ook niet zoals Garin stiekem de trein heb genomen. Ik durf het mijn vrienden niet eens te vertellen en ik hoop dat ze mijn stukje hier nooit zullen lezen.
Aan de Poulidor bokaal is een prijs van € 150 verbonden die de winnaar aan een goed doel mag besteden. Omdat ik zeker was dat ik zou winnen heb ik de voorzitter van mijn goede doel gevraagd hier te zijn en hij is er ook, sterker nog hij heeft zijn vakantie ervoor onderbroken.
Ik moet hem nu echter meedelen dat zijn scheidsrechtersvereniging niets heeft gewonnen en dat de winnaar van de Poulidor bokaal 2008 is geworden de als nummer 2 geëindigde en dat is Albert Leemreize. De prijs zal hierna door Servais worden uitgereikt en die zal ook de € 150 uitreiken aan het goede doel van Albert en dat is de jeugdafdeling van v.v. Mariënveld.
Na vijf jaar hier iets voor u te hebben mogen vertellen is het wat mij betreft mooi geweest en daarom is dit dan ook mijn laatste bijdrage aan de Tour de Mariënvelde.
Uiteraard blijf ik meedoen aan deze geweldige Tour en ik ben ervan overtuigd hier nog eens terug te komen, maar dan als glorieus winnaar.
Hartelijk dank voor uw aandacht en heel graag tot ziens,
Henk Bluemink
|